Evangelische Roze Vieringen

Overdenking 'Worden als een kind...'
bij Marcus 9: 30-37 en Galaten 5: 24 - 6: 4

door Gea Voerman

24 september 2006

Overdenking

Genade zij u en vrede van Gode, onze Vader, en van Jezus Christus, onze Heer, door de Heilige Geest.

Zo’n lied als we net zongen, dat is natuurlijk al een preek op zich. Ik was de laatste dagen nogal ziek, en ik dacht even: daar kunnen ze het ook wel mee doen. Maar daarBoven waren Ze het er kennelijk niet mee eens, en dus werd ik onder de dekens vandaan gehaald, min of meer afgestoft, en op mijn wankele benen gezet.
En zo denken we toch na over: worden als een kind.
Dan vraag je je als eerste af: wat is nou het wezenlijke van een kind?
Mijn eerste gedachte is aan een kind dat speelt en lacht. Dat gul haar rozijntjes met je deelt. We hebben intussen 7 kleinkinderen, vandaar...
En het tweede antwoord lijkt me te zijn: een kind kan niet voor zichzelf zorgen, maar vertrouwt (noodgedwongen) op de mensen om hem of haar heen, vertrouwt er op dat die zullen zorgen dat het krijgt wat het nodig heeft.
En als het goed is, dan gebeurt dat ook.
De Heer heeft in Zijn evolutionaire scheppingskracht allerlei wonderbaarlijke mechanismen ingebouwd, waardoor wij voor onze eigen jongen goed zorgen, terwijl we de jongen van andere dieren smakelijk naar binnen werken.
En zo komt het dat, al weten kinderen je het bloed onder de nagels vandaan te treiteren, al dan niet bewust, (dat weet ik nog steeds niet) wij ouders ons meestal toch min of meer weten te beheersen. En we zorgen voor ze.
Het is eigenlijk wonderbaarlijk dat het zo vaak goed gaat.
Het is ook vreselijk, waar het niet goed gaat. Waar ouders niet weten hoe ze ouder moeten zijn, en het niet willen vragen.
Waar ze zelf geen liefde hebben geleerd, en die niet door kunnen geven. Waar ze alleen maar kunnen reageren vanuit macht.
Met geweld. En dat is altijd een uiting van onmacht.
Van het gevoel dat je een situatie niet in de hand hebt…

Je hebt verbaal geweld, er kan een flinke tik worden uitgedeeld, en méér dan dat, je hebt zelfs seksueel geweld, en dat allemaal kan iemands ontwikkeling behoorlijk remmen en schaden, al zijn er gelukkig ook mensen die er sterker tegenín worden…

Maar een kind heeft in elk geval recht op zorg. En dat weet het, als het goed is.
Onze dochter Parel is al een paar weken opgenomen in een ziekenhuis in Drachten, voor een heel gespecialiseerde behandeling voor haar dikke armen, en ze mag in het weekend thuis bijslapen. Haar zoontje Mik van 3 is daar heel duidelijk over: als Mama weggaat, is ze stout.
Hij heeft er recht op dat ze bij hem is.  O! Terwijl hij een schat van een  vader heeft, die heel goed voor hem zorgt.

Worden als een kind… Waarom zou je dat willen?
Nou, één goede reden is, dat het heel belangrijk is in Gods ogen.
Jezus heeft immers ook gezegd dat wie niet worden kan als een kind, het koninkrijk Gods niet binnen kan gaan.

Worden als een kind…

Hoe doe je dat?
Het betekent dat we ten eerste bereid moeten zijn om onbekommerd blij te zijn met kleine dingen, dat kunnen we in deze vieringen oefenen, en dan ook te erkennen dat we het niet allemaal zelf kunnen in het leven, en dat we, wat we kunnen ook nog van God hebben gekregen, en ten derde betekent het dat we het moeten aandurven zo op Iemand te vertrouwen, dat je van Hem afhankelijk durft te zijn.

Dat doen we meestal niet zomaar. Als we eenmaal de kinderschoenen ontgroeid zijn, dan zou je soms nog wel eens op die schoot willen zitten, maar daar schaam je je dan ook weer een beetje voor.
De situatie is veranderd.

Ja, als je net verliefd bent, dan is dat soms wel lekker: je helemaal aan de ander toe te vertrouwen, en dan ben je zelfs bereid tot onveilige seks, alleen maar om te laten zien hoeveel je de ander vertrouwt, en hoe gek je op hem of haar bent.
Maar verliefdheid en verstand zijn geen vingers aan de zelfde hand.

Worden als een kind vraagt een beslissing die we nemen met ons verstand, meer nog dan met ons gevoel. Je kunt wel enthousiast zingen: Heer, ik geef m’aan U volkomen, maar als je daar vervolgens niets mee doet, stelt het niets voor.
Als we het hebben over worden als een kind, dan wil dat zeggen dat je het beheer over je leven uit handen geeft aan God.
Dat je God bij alle beslissingen om raad vraagt. Dat je van Jezus leren wilt hoe je in bepaalde situaties moet handelen. Dat je zekerheid ligt buiten jezelf.
Van God kun je op ààn. Dat kan ik je garanderen. (Anders stond ik hier nu niet).
Maar dat vraagt van ons natuurlijk ook wel iets.

We lazen in de Galatenbrief: Wanneer de Geest ons leven leidt, laten we dan ook de richting volgen die de Geest ons wijst, want God heeft ons behalve Jezus als voorbeeld ook de Geest geschonken, die direct in ons werkt en spreekt…
De meeste kinderen hebben geen keus, aan wie ze hun leven toe vertrouwen. Wij wel. En als we dat doen moeten we, net als ieder kind, ook gehoorzamen. De richting gaan die de Geest ons wijst.
En we mogen elkaar daarbij helpen.
Dat is iets om nog even bij stil te staan...
In onze maatschappij laten we bij voorkeur ieder zijn en haar eigen fouten maken, want voor je het weet krijg je een lading agressie over je heen van heb ik jou daar, als je je ergens mee bemoeien wilt.
Zo moet het bij ons niet gaan.
Als wij kinderen willen zijn van God, dan dienen we niet alleen God maar ook elkaar. Dan dragen we elkanders lasten…
Dan moeten we zorg hebben voor de broeder en de zuster die uit de bocht gevlogen is, of dat dreigt te doen. Die moeten we zachtmoedig proberen weer op het rechte pad te brengen. De weg naar God.
Als wij kinderen zijn van God, dan hebben we zorg voor de kleinsten, voor de weerlozen, de stemlozen; en in onze zorg voor hen, zorgen we voor God. Is dat niet wonderbaarlijk?
Hoger kun je toch niet stijgen, in alle nederigheid…
En verder moeten we ook het lef hebben om hulp te vragen. Dat hoort er ook bij.

Jezus’ leerlingen moesten dat allemaal nog leren.

Hij had ze nota bene net verteld dat Hij vermoord zou worden, en dat Hij weer zou opstaan uit de dood, het belangrijkste dat Hij ze vertellen kon, maar waar ze niets van begrepen, en dan maken ze nota bene ruzie over de vraag wie van hen de belangrijkste is…

Jezus veegt ze niet de mantel uit, hoe verdrietig Hij ook zal zijn door hun onbegrip, maar Hij haalt een kind naar Zich toe, dat even verder in het huis aan het spelen was, zet het in hun midden, en slaat er een arm om heen, zodat het zich veilig voelt, tussen al die mannen.
“Wie in Mijn Naam zo’n kind bij zich opneemt, wie zijn huis openstelt, zijn leven open stelt voor zo’n kind, die stelt zijn leven open voor Mij, en meer dan dat: voor Hem die Mij gezonden heeft….”
Wie een ander in Jezus’ Naam verwelkomt, in de Naam van Gods vleesgeworden liefde, die moet heel dicht bij Jezus leven.
Moet Hem volgen.
Als kind van God.
Ja, als kind van God moeten we dat kunnen.
Kunnen we daar voor kiezen.
We hoeven alleen maar tegen God te zeggen: Wees mijn Vader.
God heeft allang voor jou gekozen.
We zongen het: God houdt van jou.
Kiezen wij voor God? Ik zou het maar doen.
En dan zal het ook voor ons allemaal echt vredeszondag kunnen zijn.
Amen.

 

Contact